Hondenbegeleiding Mazzel

Puppytesten

Veel vaker kiezen fokkers ervoor om bij een door hun gefokt nest een puppytest af te laten nemen. Er wordt op een leeftijd van ongeveer 6 weken per pup een uitgebreide test gedaan om te kijken wat voor karakter de pups hebben en welke pup het meest geschikt is bij de personen die op zoek zijn naar een pup. Ondanks dat de honden dezelfde ouders en opvoeding hebben gehad zitten er al heel duidelijk verschillende karakters bij de pups 

Puppy Testen

Zie je ook het voorbeeld voor je van dat oudere stel dat zo'n snoezige pup uit zocht en nu zit opgescheept met een hyperactieve Jack Russell terriër die ze het leven behoorlijk zuur maakt? Of dat gezin met drie kleine kinderen dat de schuwe pup uitkoos omdat hij zo zielig in het hoekje zat. Inmiddels is pup uitgegroeid tot een puber die, zodra de kinderen in de buurt komen, begint te grommen......

Iedereen kent dit soort verhalen over verkeerd geplaatste honden, waardoor situaties ontstaan die niet voldoen aan de verwachting die je van te voren had. Soms omdat men niet aan de fokker durft te vertellen dat het allemaal niet zo is gegaan als men gehoopt had. Als fokker wordt je in het beste geval gevraagd de hond terug te nemen om hem te herplaatsen. In het ergste geval wordt de pup via internet doorverkocht of laat men zelfs de hond inslapen omdat hij 'niet te handhaven is'.

De meest effectieve manier om dit soort problemen te voorkomen is heel zorgvuldig te zijn in het plaatsen van pups bij nieuwe eigenaren. Een van de onderdelen hiervan kan zijn de pups te testen op een aantal eigenschappen. Bij deze test wordt aan de hand van verschillende proefjes een indicatie gegeven van wat aan temperament en aard van de hond kan worden verwacht. De uitkomst van de test, gecombineerd met de wensen van de toekomstige eigenaar en jouw eigen inschattingsvermogen geven de grootste kans om mismatching te voorkomen. Bij het toewijzen van de pups worden uiteraard ook de thuissituatie van de nieuwe eigenaar (samenstelling gezin, zijn er kinderen) en het gebruiksdoel van de hond (sport, familiehond) mee gewogen.

Waarom pups testen?

Als eerste komt hier om de hoek kijken de motivatie waarom potentiële kopers een pup speciaal bij jou willen kopen. Wil men graag een pup uit een van jouw nesten omdat je bekend staat als een fokker die de pups goed socialiseert en deze dus waarschijnlijk goed in een gezin zullen passen? Of zoekt men een werkhond en weet men dat jij speciaal daar op let bij de keuze van de ouders? 

Vroeger dachten mensen dat de pup die als eerste op je afkomt voor hen de beste keuze is (' hij zocht ons zelf uit! ') terwijl dit vaak simpelweg de brutaalste is. Het gevolg kan zijn dat ook later de hond in plaats van de baas beslist wat er gebeurt. Of men vindt het hondje dat in de hoek blijft zitten zo zielig en wil die dan hebben. Beide keuzes kunnen fout uitpakken! Bij de eerste omdat de hond al gauw de dienst uitmaakt in het gezin. Bij de tweede omdat men vaak dat zielige hondje als zodanig opvoedt, flink troost en knuffelt. Hieruit kan dan een asociale hond groeien, terwijl met wat meer inzicht en een goede opvoeding dit toch een leuke hond kan worden!

Selecteren geschikte hondjes

Bij de puppytest wordt aan de hand van dertien verschillende testjes een indicatie gegeven van wat voor een temperament en aard van de hond verwacht kan worden.

Om een zo objectief mogelijk beeld van het hele nest te krijgen, worden alle pups getest als ze precies zeven weken zijn. Dit tijdstip is belangrijk; voor die tijd is het karakter nog niet voldoende gevormd en na die tijd worden pups vaak weer wat terughoudender. Dit kan een vertekend beeld geven.

De uitslag van de test kan op twee manieren gebruikt worden:

 - als informatie voor het selecteren van een geschikt hondje.

 - als achtergrond voor de nieuwe eigenaar die zijn keuze al gemaakt heeft.

Uiteraard spelen de wensen van de toekomstige eigenaar een rol bij het toewijzen van de pups evenals de samenstelling van het gezin en het gebruiksdoel.

Hoe wordt de test afgenomen?

Gehoorzaamheids- en intelligentietesten zijn in de veertiger jaren ontwikkeld als selectiecriteria voor pups die opgeleid werden tot blinden-geleidehonden, en later ook gebruikt voor werkhonden. Bij deze testen gaat het vooral om het vaststellen van de natuurlijke aanleg en het karakter van de pup. De uitslag van de test geeft een indicatie van wat men van deze pup als volwassen hond mag verwachten.

De beoordeling gaat niet uit van goed of slecht, maar van een zo goed mogelijke combinatie van pup en nieuwe baas. Dit om een zogeheten 'mismatch' te voorkomen! Onze puppy test is gebaseerd op de Campbell test maar is op basis van onze eigen ervaringen steeds meer verfijnd tot ons eigen model.

De puppytest bestaat uit de onderdelen waarbij we beoordelen over sociale binding, onderwerping, gevoeligheid voor aanraking, herstel na schrik en probleemoplossend vermogen. Het is enorm boeiend om te zien hoe de pups zich laten zien zonder de bescherming van het nest om zich heen. Niet zelden is zelfs de fokker verbaast over hoe onverwachts anders een pup zich laat zien tijdens de test in vergelijk met het gedrag in het nest!

Testuitvoer

De testen vinden plaats bij de fokker thuis. De pups worden voor de tests afgezonderd van de moeder en de andere pups. De fokker mag, mits onopvallend, op de achtergrond meespieken. De beoordelingen zullen per individu, maar ook per nest bekeken worden. De beste interpretatie is door vergelijk met de nestgenootjes.

Puppytest; alleen maar leuk of ook belangrijk?

Wij zijn van mening dat deze stellingen beide waar zijn, de pups zijn een middagje lekker aan het leren en hebben er over het algemeen veel lol in. Het geeft de fokker aanwijzingen over het hoe en wat van dit nest en stof tot nadenken over een eventueel volgend nest. De nieuwe eigenaar heeft een handleiding om van dat snoezige pupje een leuke, sociale wereldhond te maken!

Met nadruk wijzen wij erop dat geen enkele test een garantie is voor het verdere gedrag van de volwassen hond maar een observatie van de natuurlijke aanleg. Deze test blijft een momentopname en kan niet geheel voorspellen hoe de pup zich zal ontwikkelen. Het temperament, gedrag en karakter zijn vanzelfsprekend grotendeels afhankelijk van toekomstige ervaringen en leermogelijkheden! 

Op de leeftijd van 7 weken voeren we een puppytest uit, waarbij de pups een voor een geobserveerd worden op eigenschappen en kwaliteiten op basis van genetische aanleg en de ervaringen die in de eerste 7 weken zijn opgedaan. Het is natuurlijk geen examen met een goede of foute uitslag, maar vooral een gedragsobservatie van elke pup individueel.

We kijken hoe de pup zich in het algemeen gedraagt en hoe hij op verschillende situaties en prikkels reageert. De test duurt meestal zo’n 15 minuten en gebeurt op een plek of ruimte waar de pup nog nooit is geweest is. In overleg met de fokker (en afhankelijk van het nest/het ras) wordt een keuze gemaakt voor de onderdelen waarop de puppy’s geobserveerd worden. Voor de fokker gaat het meestal om de verschillen tussen de pups onderling om zo ook te kunnen bepalen welke pup het best bij welk baasje past.

Onze puppytest kan 14 onderdelen bevatten die verdeeld zijn over een paar thema’s.

1. Mensgerichtheid, zelfstandigheid en verkennend gedrag. Voor onze (huis)honden is het belangrijk dat de hond zich comfortabel, veilig en vertrouwt voelt en dat in allerlei omgevingen en omstandigheden ,die onze drukke maatschappij vol prikkels tegenwoordig nu eenmaal is. Deze eerste testjes doen we speciaal om de pup even te laten acclimatiseren en om te zien hoe de pup dit doet en/of hierbij contact houdt, steun zoekt et cetera. Nadat de tester de pup neerzet kijken we wat de pup doet. Loopt hij achter de tester aan, gaat hij het terrein verkennen (waar ook diverse andere voorwerpen liggen ) of blijft hij stilletjes zitten? Daarna roept de tester de pup bij zich en kijkt of hij komt knuffelen en zich laat aaien. Vervolgens loopt de tester een eindje door de ruimte of over het terrein, waarbij we vooral letten of en hoe de pup meeloopt: blijft hij contact houden met de tester, verkent hij ondertussen ook het terrein nog even, reageert hij als de tester roept et cetera.

2. Neusgebruik. Gedurende de hele test kijken we hoe intensief de pup zijn neus gebruikt. Of is hij toch visueler ingesteld. In een hoekje liggen wat stukjes pens om te zien wordt of de pup de geur van het lekkers oppakt en zijn neus achterna gaat.

3. Driften (eten, voorwerpen en apporteren). In hoevere wil de pup voor- en met het baasje werken/spelen, welke activiteiten vind hij leuk om te gaan doen, en heeft de pup een sterke en van nature al aanwezige drift, zeker i.v.m (toekomstige) kinderen in huis kan dat belangrijk zijn om te weten. Dit testen we door te kijken of de pup verschillende voorwerpen en lekkers wil vastpakken, naar de tester wil brengen en afgeven. 

4. Inschikkelijkheid. Een belangrijke eigenschap van onze (huis)honden is ook dat hij zich gemakkelijk laat bijsturen en leiding van hun baasjes accepteren. Om te testen of de pup zich op z’n gemak voelt bij de tester en het accepteert als hij in zijn bewegingsvrijheid wordt beperkt, wordt hij op schoot bij de tester genomen en daar betast en geaaid. 

5. Stressbestendigheid, zelfzekerheid en herstelvermogen. In onze drukke maatschappij vol prikkels en uitdagingen vragen we steeds meer van onze hond en wordt van hem verwacht dat hij kan deelnemen aan allerlei sociale activiteiten onder diverse omstandigheden. Hij moet wennen aan nieuwe en onverwachte gebeurtenissen en omstandigheden. Een keer schrikken of opkijken, is heel normaal, maar hij moet wel blijven functioneren en niet helemaal dichtslaan of angstig worden. Daarom kijken we hoe de pup op een plotseling hard geluid en bewegend voorwerp reageert. Schrikt hij ervan of niet? En wat doet hij vervolgens? Gaat hij het onderzoeken, bekijkt hij het van een afstandje, negeert hij het totaal of ziet hij het misschien helemaal niet meer zitten. Ook wordt gelet hoe de pup reageert op geluiden en voorbij komende dingen die toevallig tijdens de test gebeuren zoals een overkomende luchtballon, vreemde geluiden uit de omgeving of vanaf de straat). 

6. Corrigeerbaarheid. Een hond moet met de stem bij te sturen/corrigeerbaar zijn. Om te kijken of de pup zich laat corrigeren (= ophoudt met waarmee hij bezig is) testen we na een duidelijke harde nee of foei of grom-blaf als de pup iets doet wat de tester niet goedvindt. Ook wordt daarna gekeken hoe erg de pup hiervan onder de indruk is. Gaat hij even later weer gewoon verder, durft hij geen poot meer te verzetten of neemt hij de benen? 

7. Probleem oplossend vermogen en doorzettingsvermogen. Om dit te testen wordt de pup eerst tot twee maal toe achter een hekje gezet en geroepen, waarbij hij dus zelf de uitgang moet zoeken om bij de tester te komen. Daarna wordt een lekker brokje in een flesje of koker gestopt en wordt de pup uitgedaagd om dit te pakken. Gekeken wordt steeds hoe de pup omgaat met het ‘probleem’. 

Tijdens de test word gelet op zijn bewegingstempo, de energie die hij uitstraalt, zijn uitstraling en zelfvertrouwen. En aan het eind van de test kijken we of de pup (nog) wil spelen of apporteren. Belangrijk is immers dat een hond ook nadat hem allerlei dingen ‘overkomen’ zijn, nog steeds goed met zijn baasje blijft samenwerken. Ook kan het zijn dat de pup inmiddels alles zo leuk vindt, dat hij liever zijn eigen gang gaat dan nog wat met de tester samen te willen doen. Op basis van het gedrag dat de pup bij de afzonderlijke testjes en door de hele test door vertoont, wordt een eindscore gemaakt, waarbij van de hierna volgende eigenschappen geclassificeerd worden als ‘duidelijk aanwezig’, ‘aanwezig’ en ‘niet of nauwelijks aanwezig’. 

Wat levert de puppytest je op?

Puppykoper
Voor de nieuwe baasjes maakt de test een aantal dingen duidelijk:

  • Welke puppy uit het nest beantwoordt het best aan de verwachtingen en past het best bij het gezin/nieuwe baasje.
  • Aan welke dingen moet je extra aandacht besteden bij de opvoeding.
  • Welke oefeningen zijn bij deze puppy het belangrijkst.
  • Van iedere pup een kort en leuk digitaal verslag met daarin de bevindingen en aanbevelingen. Niet alleen een leuk aandenken voor de puppybaasjes maar ook gelijk met praktische tips voor bij de socialisatie! 

Fokker

Voor de fokker maakt de test mogelijk:

  • Dat de fokker beter weet welk gezin/baasje het best past bij welke puppy.
  • Dat de kopers beter zijn ingelicht over het gedrag.
  • Dat de kans dat het gedrag van de puppy verkeerd loopt minder is.
  • Dat de fokker een inzicht krijgt in het gedrag van het hele nest. Dit kan de vader/moeder combinatie in de     toekomst beïnvloeden.
  • Dat het duidelijk maakt waar de fokker het prille begin van de opvoeding eventueel nog kan verbeteren.
  • Van iedere pup een kort en leuk digitaal verslag met daarin de bevindingen en aanbevelingen. 


    Een puppytest blijft een momentopname en we weten dat gedrag context-gebonden is. Het maakt wel degelijk uit of een pup net is wakker gemaakt of hoog in energie zit omdat hij net gespeeld heeft met nestgenoten.

Zo krijgen we een beeld van het basiskarakter van de pup. De pup heeft namelijk op basis van zijn genetische aanleg en de ervaringen die hij in de eerste 7 weken heeft opgedaan, al een eigen karakterpatroon gevormd, dat als blauwdruk voor de rest van zijn leven fungeert. Het karakter van de pup blijft zich zijn hele leven verder ontwikkelen. Sommige karaktertrekjes blijven onveranderd, andere zullen wellicht afgezwakt worden en weer andere zullen misschien steeds sterker worden. Natuurlijk onder invloed van de verkregen opvoeding, training, opgedane ervaringen en levensomstandigheden.

Wat geeft een puppytest eigenlijk aan?

Een puppytest meet de erfelijke aanleg van een pup  op de leeftijd van 7 weken. De pups hebben dan de perfecte leeftijd om puur en oorspronkelijk te reageren op prikkels. Ze worden één voor één getest en laten daardoor vaak juist ander gedrag zien dan als ze met de broertjes en zusjes samen zijn.  Zo kan uit de test naar voren komen welk hondje wat brutaal is en veel durft en welk hondje veel behoefte heeft om bezig te zijn. Maar ook of een hondje een aanleg heeft om schrikachtig of angstig te reageren.

Maar de aanleg voor bepaalde karaktereigenschappen is slechts een onderdeel van het uiteindelijke karakter van de pups.  Want ook de ervaringen die een pup in zijn leventje meekrijgt (of juist mist) zijn belangrijk.  De verhouding is hierbij ongeveer (50/50)

Bijvoorbeeld: een pup met een open karakter die vervolgens in de socialisatieperiode de tuin niet uitkomt, krijgt te weinig kans om uit te groeien tot een open en stabiele hond.

Een pup met een aanleg om de wereld met argusogen te bekijken, heeft met een eigenaar die hem gedoseerd met de wereld laat kennismaken juist wèl meer kans om tot een stabiele hond uit te groeien.

* De test geeft dus geen waardeoordeel over de pups, alle pups zijn zoals ze zijn en dus goed.

* De uitslag van de test geeft de fokker een objectief beeld of de pups qua gedrag aan het ideaalbeeld voldoen.

Dat een puppy een puppytest heeft ondergaan betekent echter niet dat het hondje een goed gedrag heeft of dat hij makkelijk opvoedbaar zal zijn. Hoe de hond zich gedraagt eens hij bij jullie thuis is, wordt bepaald door een combinatie van factoren, waarvan zijn erfelijke aanleg slechts 1 factor is. Hoe je bijvoorbeeld met de puppy omgaat, hoeveel beweging krijgt hij, welke verzorging, zijn voeding, zijn huisvesting, zijn tijdsbesteding, de samenstelling van uw gezin, de woon- en werkomstandigheden, uw eigen ervaring met honden, de kwaliteit van de adviezen die u opvolgt, en nog andere dingen zullen allemaal mee bepalen hoe uw hond zich zal gedragen eens hij een tijdje bij u is.